In beginsel zocht ze naar de essentie, het pure van het vrouwelijke. Door uitwisselingen met andere vrouwen en door het lezen over andere en oude culturen in mythes en sagen, kwam ze in contact met eeuwenoude, universele symbolen. Ze streefde daarbij naar waardige afbeeldingen van het vrouwelijke in al zijn facetten. Ze creëerde beelden en symbolen waarin de directe band van de vrouw met het leven te herkennen waren zoals: offerpotten, schaalvormen, buiken en vulva's (de graal).
In haar huidige werk komt de schoonheid van de natuur tot uiting. Geïnspireerd door verweerde natuurvormen weeft zij ruige wandobjecten. Intuïtief ontstaan universele groeivormen die je zowel in het water als op het land terug kunt vinden.